woensdag 13 juli 2011

Waarom mensen met fretten geen kaarsen hebben.

Bah, het lijkt vandaag wel herfst. Koud en stormachtig. Het is ZOMER, verdikkie!
Wel ´t weer om met een simpel tussendoortje voor de tv te zitten, zodat je straks, als het écht herfst is, veilig een kaars kunt neerzetten.
Ik vind het zo gezellig, die donkere dagen.
Gordijnen dicht, kaarsjes aan ...
Helaas, mijn fretten hebben heel andere ideeën.
Kaarsen zijn HELE GEVAARLIJKE VIJANDEN, die vermoord moeten worden (het liefst achter de tv-kast) en in hele kleine kruimeltjes geknaagd moeten worden!
Gelukkig zijn er nep-waxinelichtjes. En daar kun je leuke kaarsen mee maken, die fretbestendig zijn. Geen gevaar voor brand, en veilig voor kinderhandjes.
Bovendien is het een goeie gelegenheid om eens wat van die restjes garen weg te werken die al zooo lang onderin de wolmand liggen.







Kaars met blakertje; 


Benodigd:   restje witte wol, restje gekleurde wol, geschikt voor hknld 3-3,5
                  haaknaald 3 of 3,5
                  maasnaald met stompe punt.







Gebruikte steken; l = losse
                           hv = halve vaste
                           v = vaste  (1)
                           hst = half stokje (2)                          
                           st = stokje (3)
                           dst= dubbel stokje (4)
          mrd = meerdering = 2 steken in de vlg steek



Bijzonderheden;
Elke toer word gesloten met een hv, tenzij anders beschreven.
De keerlossen worden geteld als de eerste steek van elke toer, en worden als zodanig meegerekend.
Het aantal keerlossen staat tussen haakjes achter de afkorting

       
Werkwijze;
Knip een toiletpapierrolletje in de lengte open.
Schuif de uiteinden over elkaar tot het kaarsje er net op past, bij mij is dat 3 cm.
Zet vast met een paar nietjes, plakband word vies en laat op den duur los.

Meet 6 meter garen van de kaars-kleur, en maar een opzetlus.
Haak deel A met de draad van 6 meter
Haak deel B met de draad van de bol.


Deel A;

1) haak 3 l.  11 hst in de 1e l. (12)
2) 2l, 1hst in beginsteek, 2hst in elke volg hst. (24)
3) 2l, werk keren, 1hst in elk van de voorg steken (24) [haak deze toer in de achterste lus van de voorg hst.]
Leg voor het sluiten met een hv de draad van de bol naar de buitenkant van het werk.
4) 2l, 1 hst op elk van de voorg steken, neem weer alleen de achterste lus op.

leg de bol-draad losjes naar de buitenkant

neem het bobbeltje achter de v op



 Deel B:

Bevestig de draad van de bol met een hv aan de cup-bodem. Sla hierbij de overgebleven lus van het v-tje over, en bevestig de draad aan het bobbeltje achter de v.
Haak verder zoals bij toeren 3 en 4 van deel A, 11 toeren of zoveel als je nodig hebt om het rolletje te bedekken.


de cup en een paar toeren van de onderkant




 


bijna lang genoeg























Het blakertje:

Hecht aan met de andere kleur, haak 1 toer in stokjes, en leg deze toer naar boven, langs de body van de kaars.

hier zie je duidelijk de naar boven gelegde rand van stokjes
1)  Steek nu naast het st van de vorige toer (in hetzelfde gat) in en haak 24 st.
Deze haak je dus aan de onderkant van de omhoog gelegde toer.

2)  3l, 1st in beginsteek, 2st in elke voorg st (48st)
3)  3l, 1st in beginsteek, 2st in elke voorg st (72st)
4)  3l, 1st in beginsteek, 2st in elke voorg st (72st)
5)  3l, 1st in beginsteek, 2st in elke voorg st (72st)
      Hecht af.

Zet de kaars met de naad van de  sluitsteken van je af, en bepaal de zijkant.
Hecht daar de draad aan, aan de voet van de kaars, en haak 10l, 1hv op de zijkant van de schotel, en nogmaals 10l.
Steek in de 3e l va de nld en haak 6st, 1hv in de zijkant van de schotel, en nogmaals 10 st. naar de voet van de kaars.
Knip de draad af, en naai de laatste steek vast op zijn plaats.
Alle loshangende draden wegsteken met een maasnaald met stompe punt.
Buig een mooie krul in het handvat.

Veilig voor frettentandjes en kinderhandjes

 Veel succes!













Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen