zaterdag 11 september 2010

Berenpootje onderzetter






Benodigd; restje bruine katoen,
                 haaknaald nr 3
                 maasnaald met stompe punt

Gebruikte steken; l = losse
                    hv = halve vaste
                    v = vaste  (1)
                    hst = half stokje (2)                          
                    st = stokje (3)
                    dst= dubbel stokje (4)
                    mrd = meerdering = 2 steken in de vlg steek




Vervolg berenpootje onderzetter


Bijzonderheden;
Elke toer word gesloten met een hv, tenzij anders beschreven.
De keerlossen worden geteld als de eerste steek van elke toer, en worden als zodanig meegerekend.
Het aantal keerlossen staat tussen haakjes achter de afkorting

       
Werkwijze;

Opzet en 1ste tr.
Maak een dubbele lus over je wijsvinger, haak daar 3 l. in.
Neem de lus van je vinger, en haak nog 9 st. in de ring (10 st.)
trek de draad aan, zodat het hart van de ring geen gaatje meer vertoond
sluit met een hv.












2e tr. 3 lossen, 1 st. in beginsteek.
In elke volgende st. 2 st. sluiten met een hv. (20 st)










3e tr. 3 lossen, 1 st. in beginsteek. * 2st. in de volgende steek, 1 st. in de volgende steek*
Van * tot * herhalen, sluiten met een hv. (30 st.)

4e tr. 3 lossen, 1 st. in beginsteeksteek, *2st. in de volgende steek, 1 st. n de volgende steek*
Van * tot * herhalen, sluiten met een hv. ( 44 st.)

Draad niet afknippen, ga verder met de...



Tenen: 
1 hv., 1 steek overslaan, 7 stokjes in de volg. steek, 1 steek overslaan,1 hv.
Doe dit nog 3 keer, zodat je 4 tenen hebt.
Draden wegsteken met een naald met stompe punt.

Maak er 6, en je kunt een heel berenspoor uitleggen op tafel :-)

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen